Op een zomerse avond in april heb ik afgesproken met Patrick Steenaerts en Hans Mullens. Patrick passeert op 4 mei in de Werft als gitarist van Yevgueni en samen met Hans vormt hij twee derde van Kameel. Dit project staat op de affiche van de 360°surround-optredens die in oktober in de Werft zijn geprogrammeerd. Bij een frisse pint op het terras van hun stamcafé geven de vrienden tekst en uitleg over hun gezamenlijke geesteskindje. Jullie zijn beiden met verschillende muzikale projecten bezig. Kunnen jullie die even schetsen? P: Ik speel al bijna 10 jaar bij Yevgueni en maak ondertussen echt deel uit van die groep. Dat is muzikaal mijn grootste bezigheid. Daarnaast ben ik ook freelance-muzikant bij verschillende los-vaste projecten. Zo heb ik gisteren meegespeeld tijdens een CD-voorstelling met Eva De Roovere en Wimmeke Punk in de Arenberg. Dat is een project waarmee we in het najaar gaan spelen. Tenslotte ben ik samen met Hans Kameel begonnen, een project waarin we onze eigen muziek kunnen maken en volledig ons eigen ding doen. H: Ik heb vroeger van alles gedaan, ook live, maar de laatste 10 tot 15 jaar focus ik me vooral op het componeren. Ik werk vooral voor TV: series, film, reclamespots… Allemaal dingen voor bij beeld. Kameel is een project dat ik samen met Patrick doe en er is nog een ander project waar Patrick ook meespeelt: Placenta. We brengen daarin het repertoire van Placebo, de Belgische groep, niet te verwarren met het Engelse Placebo. Dat was een groep uit het begin van de jaren zeventig rond Marc Moulin. Het was één van de eerste dingen die hij deed met jazzrock en elektronica. Voor de rest hebben we nog een ander project dat op stapel staat, samen met Michel Buscelia, de pianist, arrangeur en orkestrator. Hier gaat het meer om filmische muziek. Dat gaan we nu op poten zetten. Hoe zijn jullie bij elkaar terecht gekomen? H: We go way back. We kennen elkaar al meer dan dertig jaar. We hebben vroeger.al vele dingen samen gedaan: jazz, fusion… Daarna is ieder zijn eigen weg gegaan, maar wij zijn altijd maten gebleven. Ik vraag Patrick regelmatig om iets in te komen spelen bij mij. Als ik een gitarist nodig heb, is hij de eerste die ik bel. Ongeveer een jaar geleden zei Patrick tegen mij: ik heb nog een paar nummers liggen. En zo zijn we stilaan begonnen. We dachten meteen aan een kleine bezetting: bas, gitaar en drums. Dus zijn we op zoek gegaan naar een drummer en we kenden Geert Roelofs nog van vroeger. Hij zag het direct zitten. P: Hij is iemand die uit de jazz komt, maar die ook dingen doet in pop en rock. Een heel veelzijdige muzikant met een open mind. H: Wat we doen is niet specifiek jazz of rock, het is zo een beetje een mengeling. De muzikanten moeten dat ook een plaats weten te geven en kunnen invullen. Hoe kwamen jullie bij de groepsnaam ? P: We waren tijdens een repetitie net klaar met een nummer, toen drummer Geert er op wees dat de groove van het nummer weg had van de cadans van een kameel. Toen legde ik de link met Misha Mengelberg, iemand van wie ik altijd fan ben geweest. Hij was in Nederland de godfather van de vrije geïmproviseerde muziek. Ik heb van hem ooit op You Tube een filmpje gezien dat was getiteld: Met welbeleefde groet van de kameel. Dat is de titel van dat stuk. Hij speelt daarin piano, Han Bennink zit aan de drums en dan zijn er nog blazers. Het is ten dele gecomponeerd maar er wordt ook heel vrij gespeeld. Tijdens de opvoering komt er een schrijnwerker met een zaag op en die maakt van een houten stoel een kameel. Als het muziekstuk ten einde is, is de kameel klaar. Dat is me altijd bijgebleven. Daarenboven stierf Misha Mengelberg net in de periode dat we bezig waren met het oprichten van de groep. H: Met welbeleefde groet van de kameel was als groepsnaam te lang en dat hebben we dan gewoon afgekort. Het is dus eigenlijk een soort eerbetoon. H: Zo kan je het ook noemen. Het is leuk dat er iets achter de naam zit. P: Mischa Mengelberg was echt een vrije gast, die zich van weinig iets aantrok. Hij heeft zijn ganse leven op die manier muziek gemaakt. Hij is toch een voorbeeld op dat gebied. Volgend jaar in oktober spelen jullie op 360°surround in de Werft. Hebben jullie bepaalde verwachtingen over het spelen in die speciale setting? H: We zijn een triobezetting en in die zin flexibel. Ik ben vorig jaar gaan zien en ik vond dat een heel leuk concept eigenlijk. Ik ben dus blij dat we daar eens spelen. Het past in onze winkel. Het publiek tijdens zo’n avond, kan ons publiek wel zijn. Mensen die open minded zijn komen daar wel naartoe. Maar wat we daar gaan doen, daar hebben we nog niet bij stil gestaan. P: Het is misschien wel interessant om even te melden dat we in de aanloop van een opname zitten. We gaan wat nieuwe dingen maken. Wat experimenteren en zoeken. Dat gaat tijdens die avond zeker een rol spelen. We zien wel wat er uit de bus komt. Tijdens 360°surround treden jullie op in een aparte setting. Zijn er in jullie rijk gevulde carrières bepaalde optredens die zijn bijgebleven? H: Voor veel mensen spelen op grote festivals is altijd wel plezant. Dat geeft wel een kick. P: Maar we hebben ook hier al gespeeld, in de Wolwinkel. De mensen staan heel kort bij en je hebt direct respons. H. We hadden toen eigenlijk nog niet veel gespeeld. Door onze drukke agenda’s is het moeilijk om tijd vrij te maken voor optredens. Daarenboven: zolang je geen plaat gemaakt hebt, besta je eigenlijk niet als groep. We krijgen desalniettemin toch regelmatig aanbiedingen en moeten dan zeggen: “Mannen, geef ons even tijd. We zijn maar net bezig”. De Wolwinkel was dus slechts ons tweede optreden. De café was toen stampvol en de mensen reageerden meteen heel enthousiast. Het is heel plezant om met puur je eigen ding naar buiten te treden. We hebben heel veel als sideman gespeeld en dat is toch altijd maar ten dienste van. Om dan voor je eigen repertoire heel veel positieve reacties te krijgen, dat is heel leuk. Dat is plezanter dan voor 50.000 man spelen als sideman. P: Je doet iets, maar je weet nooit wat de respons gaat zijn. Als blijkt dat het toch iets los maakt bij mensen, dan is dat een leuke bevestiging om verder te doen. Wat is jullie link met Geel? H: Vreullie! (lacht). Mijn partner is van Geel. Zij is geboren en getogen in Bel. Net als Patrick ben ik Limburger. Er kwamen kinderen en dan was het toch gemakkelijk dat we dicht bij de familie woonden. Dat was voor mij de reden om naar hier te komen. P: Mijn eerste link met Geel kwam via Hans. Mijn beste maat woonde hier en ik kwam hier wel regelmatig. Tijdens één van die bezoeken heb ik mijn vriendin ontmoet en die heeft mij in zekere zin naar Geel getrokken. De liefde bracht mij hier zeker? (lacht) Waarom moet het publiek in oktober zeker afzakken naar 360°surround om Kameel te bekijken? H: Omdat we daar naakt gaan spelen! (lacht) P: En geen sok zoals de Red Hot Chili Peppers! (lacht) H: Wij gaan ons alvast amuseren. Dat is onze enige drijfveer. We moeten niets. Met deze groep doen wij zonder toegevingen puur ons eigen ding. Wij hebben plezier. Wij leven ons helemaal in en daardoor voelen mensen zich betrokken. P: Mensen worden meegevoerd in ons verhaal. De spanning die ontstaat bij improvisatie is ook voelbaar bij het publiek. H: Er ontstaan dingen op de moment zelf. Dat je soms bijna op de afgrond zit en dan komt het uiteindelijk toch weer goed… Dat maakt het spannend en boeiend voor het publiek. Het is ook erg dynamisch: soms spelen we stille dingen, soms heel felle dingen. P: Ik geloof wel in die vrijheid. In de dingen die ik naast Kameel doe, is daar vaak niet veel ruimte meer voor. Veel mensen durven die risico’s niet meer nemen. Als je tegenwoordig op je bek gaat, wordt dat via social media direct uitvergroot. Zelf vind ik het opzoeken van grenzen en die proberen af te tasten heel plezant. Zo bereik je soms hoogtes die je niet haalt als je op safe speelt. Ik geloof in die energie en ik geloof ook dat het publiek die spanning voelt. Ik begin ze alleszins ook al te voelen. Bedankt en tot in oktober!